HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← giebelen — definición

Conjugation of giebelen

Regular CEFR B2
/ˈɣi.bə.lə(n)/

een beetje geheimzinnig en verholen lachen door kinderen en jonge meisjes Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik giebel
jij / je giebelt
hij / zij / het giebelt
wij / we giebelen
jullie giebelen
zij / ze giebelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik giebelde
jij / je giebelde
hij / zij / het giebelde
wij / we giebelden
jullie giebelden
zij / ze giebelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik giebele
jij / je giebele
hij / zij / het giebele
wij / we giebelen
jullie giebelen
zij / ze giebelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik giebelde
jij / je giebelde
hij / zij / het giebelde
wij / we giebelden
jullie giebelden
zij / ze giebelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij giebel
jullie (archaïsch) giebelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
giebelen
Tegenwoordig deelwoord
giebelend
Voltooid deelwoord
gegiebeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary