HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← giechelen — definition

Conjugation of giechelen

Regular CEFR C2
ˈɣi.xə.lə(n)

een snelle, wat ingehouden vorm van lachen die vooral bij jonge meisjes past Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik giechel
jij / je giechelt
hij / zij / het giechelt
wij / we giechelen
jullie giechelen
zij / ze giechelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik giechelde
jij / je giechelde
hij / zij / het giechelde
wij / we giechelden
jullie giechelden
zij / ze giechelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik giechele
jij / je giechele
hij / zij / het giechele
wij / we giechelen
jullie giechelen
zij / ze giechelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik giechelde
jij / je giechelde
hij / zij / het giechelde
wij / we giechelden
jullie giechelden
zij / ze giechelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij giechel
jullie (archaïsch) giechelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
giechelen
Tegenwoordig deelwoord
giechelend
Voltooid deelwoord
gegiecheld

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary