HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← doorloopen — definition

Conjugation of doorloopen

Regular CEFR B2

obsolete spelling of doorlopen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik doorloop
jij / je doorloopt
hij / zij / het doorloopt
wij / we doorloopen
jullie doorloopen
zij / ze doorloopen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik doorliep
jij / je doorliep
hij / zij / het doorliep
wij / we doorliepen
jullie doorliepen
zij / ze doorliepen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik doorloope
jij / je doorloope
hij / zij / het doorloope
wij / we doorloopen
jullie doorloopen
zij / ze doorloopen
Aanvoegende wijs — verleden
ik doorliepe
jij / je doorliepe
hij / zij / het doorliepe
wij / we doorliepen
jullie doorliepen
zij / ze doorliepen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij doorloop
jullie (archaïsch) doorloopt

Onbepaalde vormen

Infinitief
doorloopen
Tegenwoordig deelwoord
doorloopend
Voltooid deelwoord
doorloopen

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary