Conjugation of desactiveren
inactief maken Ver definición completa →
Aantonende wijs
Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
| ik | desactiveer |
| jij / je | desactiveert |
| hij / zij / het | desactiveert |
| wij / we | desactiveren |
| jullie | desactiveren |
| zij / ze | desactiveren |
Verleden tijd (o.v.t.)
| ik | desactiveerde |
| jij / je | desactiveerde |
| hij / zij / het | desactiveerde |
| wij / we | desactiveerden |
| jullie | desactiveerden |
| zij / ze | desactiveerden |
Aanvoegende wijs (archaïsch)
Aanvoegende wijs — tegenwoordig
| ik | desactivere |
| jij / je | desactivere |
| hij / zij / het | desactivere |
| wij / we | desactiveren |
| jullie | desactiveren |
| zij / ze | desactiveren |
Aanvoegende wijs — verleden
| ik | desactiveerde |
| jij / je | desactiveerde |
| hij / zij / het | desactiveerde |
| wij / we | desactiveerden |
| jullie | desactiveerden |
| zij / ze | desactiveerden |
Gebiedende wijs
Gebiedende wijs
| jij | desactiveer |
| jullie (archaïsch) | desactiveert |
Onbepaalde vormen
Infinitief
| — | desactiveren |
Tegenwoordig deelwoord
| — | desactiverend |
Voltooid deelwoord
| — | gedesactiveerd |