HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← decimeren — definition

Conjugation of decimeren

Regular CEFR B2
deːsiˈmeːrə(n)

sterk in aantal terugbrengen, gewoonlijk door afslachting Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik decimeer
jij / je decimeert
hij / zij / het decimeert
wij / we decimeren
jullie decimeren
zij / ze decimeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik decimeerde
jij / je decimeerde
hij / zij / het decimeerde
wij / we decimeerden
jullie decimeerden
zij / ze decimeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik decimere
jij / je decimere
hij / zij / het decimere
wij / we decimeren
jullie decimeren
zij / ze decimeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik decimeerde
jij / je decimeerde
hij / zij / het decimeerde
wij / we decimeerden
jullie decimeerden
zij / ze decimeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij decimeer
jullie (archaïsch) decimeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
decimeren
Tegenwoordig deelwoord
decimerend
Voltooid deelwoord
gedecimeerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary