HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← declameren — definition

Conjugation of declameren

Regular CEFR B2
deː.klaːˈmeː.rə(n)

letterkundige werken mondeling voordragen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik declameer
jij / je declameert
hij / zij / het declameert
wij / we declameren
jullie declameren
zij / ze declameren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik declameerde
jij / je declameerde
hij / zij / het declameerde
wij / we declameerden
jullie declameerden
zij / ze declameerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik declamere
jij / je declamere
hij / zij / het declamere
wij / we declameren
jullie declameren
zij / ze declameren
Aanvoegende wijs — verleden
ik declameerde
jij / je declameerde
hij / zij / het declameerde
wij / we declameerden
jullie declameerden
zij / ze declameerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij declameer
jullie (archaïsch) declameert

Onbepaalde vormen

Infinitief
declameren
Tegenwoordig deelwoord
declamerend
Voltooid deelwoord
gedeclameerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary