HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bewegen — definición

Conjugation of bewegen

Regular CEFR A2
/bəˈʋeːɣə(n)/

zich ~ actie ondernemen om een beweging te maken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beweeg
jij / je beweegt
hij / zij / het beweegt
wij / we bewegen
jullie bewegen
zij / ze bewegen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bewoog
jij / je bewoog
hij / zij / het bewoog
wij / we bewogen
jullie bewogen
zij / ze bewogen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bewege
jij / je bewege
hij / zij / het bewege
wij / we bewegen
jullie bewegen
zij / ze bewegen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bewoge
jij / je bewoge
hij / zij / het bewoge
wij / we bewogen
jullie bewogen
zij / ze bewogen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beweeg
jullie (archaïsch) beweegt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bewegen
Tegenwoordig deelwoord
bewegend
Voltooid deelwoord
bewogen

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary