HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bevingeren — definition

Conjugation of bevingeren

Regular CEFR B2
bəˈvɪ.ŋə.rə(n)

met de vingers vuilmaken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bevinger
jij / je bevingert
hij / zij / het bevingert
wij / we bevingeren
jullie bevingeren
zij / ze bevingeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bevingerde
jij / je bevingerde
hij / zij / het bevingerde
wij / we bevingerden
jullie bevingerden
zij / ze bevingerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bevingere
jij / je bevingere
hij / zij / het bevingere
wij / we bevingeren
jullie bevingeren
zij / ze bevingeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik bevingerde
jij / je bevingerde
hij / zij / het bevingerde
wij / we bevingerden
jullie bevingerden
zij / ze bevingerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bevinger
jullie (archaïsch) bevingert

Onbepaalde vormen

Infinitief
bevingeren
Tegenwoordig deelwoord
bevingerend
Voltooid deelwoord
bevingerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary