HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bevallen — definition

Conjugation of bevallen

Regular CEFR B2
bəˈvɑlə(n)

het leven schenken aan een kind Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beval
jij / je bevalt
hij / zij / het bevalt
wij / we bevallen
jullie bevallen
zij / ze bevallen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beviel
jij / je beviel
hij / zij / het beviel
wij / we bevielen
jullie bevielen
zij / ze bevielen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bevalle
jij / je bevalle
hij / zij / het bevalle
wij / we bevallen
jullie bevallen
zij / ze bevallen
Aanvoegende wijs — verleden
ik beviele
jij / je beviele
hij / zij / het beviele
wij / we bevielen
jullie bevielen
zij / ze bevielen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beval
jullie (archaïsch) bevalt

Onbepaalde vormen

Infinitief
bevallen
Tegenwoordig deelwoord
bevallend
Voltooid deelwoord
bevallen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary