HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← betuinen — definition

Conjugation of betuinen

Regular CEFR B2
bəˈtœy̯.nə(n)

to enclose, to fence, to hedge Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik betuin
jij / je betuint
hij / zij / het betuint
wij / we betuinen
jullie betuinen
zij / ze betuinen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik betuinde
jij / je betuinde
hij / zij / het betuinde
wij / we betuinden
jullie betuinden
zij / ze betuinden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik betuine
jij / je betuine
hij / zij / het betuine
wij / we betuinen
jullie betuinen
zij / ze betuinen
Aanvoegende wijs — verleden
ik betuinde
jij / je betuinde
hij / zij / het betuinde
wij / we betuinden
jullie betuinden
zij / ze betuinden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij betuin
jullie (archaïsch) betuint

Onbepaalde vormen

Infinitief
betuinen
Tegenwoordig deelwoord
betuinend
Voltooid deelwoord
betuind

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary