HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← beschimmelen — definition

Conjugation of beschimmelen

Regular CEFR C1
bəˈsxɪmələ(n)

aangevreten worden door schimmels Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beschimmel
jij / je beschimmelt
hij / zij / het beschimmelt
wij / we beschimmelen
jullie beschimmelen
zij / ze beschimmelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beschimmelde
jij / je beschimmelde
hij / zij / het beschimmelde
wij / we beschimmelden
jullie beschimmelden
zij / ze beschimmelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik beschimmele
jij / je beschimmele
hij / zij / het beschimmele
wij / we beschimmelen
jullie beschimmelen
zij / ze beschimmelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik beschimmelde
jij / je beschimmelde
hij / zij / het beschimmelde
wij / we beschimmelden
jullie beschimmelden
zij / ze beschimmelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beschimmel
jullie (archaïsch) beschimmelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
beschimmelen
Tegenwoordig deelwoord
beschimmelend
Voltooid deelwoord
beschimmeld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary