HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← behelzen — definición

Conjugation of behelzen

Regular CEFR B2
/bəˈɦɛlzə(n)/

betrekking hebben op Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik behels
jij / je behelst
hij / zij / het behelst
wij / we behelzen
jullie behelzen
zij / ze behelzen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik behelsde
jij / je behelsde
hij / zij / het behelsde
wij / we behelsden
jullie behelsden
zij / ze behelsden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik behelze
jij / je behelze
hij / zij / het behelze
wij / we behelzen
jullie behelzen
zij / ze behelzen
Aanvoegende wijs — verleden
ik behelsde
jij / je behelsde
hij / zij / het behelsde
wij / we behelsden
jullie behelsden
zij / ze behelsden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij behels
jullie (archaïsch) behelst

Onbepaalde vormen

Infinitief
behelzen
Tegenwoordig deelwoord
behelzend
Voltooid deelwoord
behelsd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary