HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← beheren — definition

Conjugation of beheren

Regular CEFR C2
bəˈɦeːrə(n)

het beheer hebben over iets, ergens voor verantwoordelijk zijn Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik beheer
jij / je beheert
hij / zij / het beheert
wij / we beheren
jullie beheren
zij / ze beheren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik beheerde
jij / je beheerde
hij / zij / het beheerde
wij / we beheerden
jullie beheerden
zij / ze beheerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik behere
jij / je behere
hij / zij / het behere
wij / we beheren
jullie beheren
zij / ze beheren
Aanvoegende wijs — verleden
ik beheerde
jij / je beheerde
hij / zij / het beheerde
wij / we beheerden
jullie beheerden
zij / ze beheerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij beheer
jullie (archaïsch) beheert

Onbepaalde vormen

Infinitief
beheren
Tegenwoordig deelwoord
beherend
Voltooid deelwoord
beheerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary