HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← amputeren — definition

Conjugation of amputeren

Regular CEFR C2
ɑmpyˈteːrə(n)

een lichaamsdeel chirurgisch verwijderen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik amputeer
jij / je amputeert
hij / zij / het amputeert
wij / we amputeren
jullie amputeren
zij / ze amputeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik amputeerde
jij / je amputeerde
hij / zij / het amputeerde
wij / we amputeerden
jullie amputeerden
zij / ze amputeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik amputere
jij / je amputere
hij / zij / het amputere
wij / we amputeren
jullie amputeren
zij / ze amputeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik amputeerde
jij / je amputeerde
hij / zij / het amputeerde
wij / we amputeerden
jullie amputeerden
zij / ze amputeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij amputeer
jullie (archaïsch) amputeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
amputeren
Tegenwoordig deelwoord
amputerend
Voltooid deelwoord
geamputeerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary