HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← zweefvliegen — definición

Conjugation of zweefvliegen

Regular CEFR C1
/ˈzʋeː(f)ˌfli.ɣə(n)/

vliegen en besturen van een zweefvliegtuig Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik zweefvlieg
jij / je zweefvliegt
hij / zij / het zweefvliegt
wij / we zweefvliegen
jullie zweefvliegen
zij / ze zweefvliegen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik zweefvliegde
jij / je zweefvliegde
hij / zij / het zweefvliegde
wij / we zweefvliegden
jullie zweefvliegden
zij / ze zweefvliegden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik zweefvliege
jij / je zweefvliege
hij / zij / het zweefvliege
wij / we zweefvliegen
jullie zweefvliegen
zij / ze zweefvliegen
Aanvoegende wijs — verleden
ik zweefvliegde
jij / je zweefvliegde
hij / zij / het zweefvliegde
wij / we zweefvliegden
jullie zweefvliegden
zij / ze zweefvliegden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij zweefvlieg
jullie (archaïsch) zweefvliegt

Onbepaalde vormen

Infinitief
zweefvliegen
Tegenwoordig deelwoord
zweefvliegend
Voltooid deelwoord
gezweefvliegd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary