HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← zekeren — definition

Conjugation of zekeren

Regular CEFR B1
ˈzeː.kə.rə(n)

het touw waarmee iemand klimt op een veilige manier vasthouden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik zeker
jij / je zekert
hij / zij / het zekert
wij / we zekeren
jullie zekeren
zij / ze zekeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik zekerde
jij / je zekerde
hij / zij / het zekerde
wij / we zekerden
jullie zekerden
zij / ze zekerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik zekere
jij / je zekere
hij / zij / het zekere
wij / we zekeren
jullie zekeren
zij / ze zekeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik zekerde
jij / je zekerde
hij / zij / het zekerde
wij / we zekerden
jullie zekerden
zij / ze zekerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij zeker
jullie (archaïsch) zekert

Onbepaalde vormen

Infinitief
zekeren
Tegenwoordig deelwoord
zekerend
Voltooid deelwoord
gezekerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary