HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← wijzen — definición

Conjugation of wijzen

Regular CEFR B1
/ˈʋɛi̯zə(n)/

met de (wijs)vinger, hand of arm in een richting duiden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik wijs
jij / je wijst
hij / zij / het wijst
wij / we wijzen
jullie wijzen
zij / ze wijzen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik wees
jij / je wees
hij / zij / het wees
wij / we wezen
jullie wezen
zij / ze wezen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik wijze
jij / je wijze
hij / zij / het wijze
wij / we wijzen
jullie wijzen
zij / ze wijzen
Aanvoegende wijs — verleden
ik weze
jij / je weze
hij / zij / het weze
wij / we wezen
jullie wezen
zij / ze wezen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij wijs
jullie (archaïsch) wijst

Onbepaalde vormen

Infinitief
wijzen
Tegenwoordig deelwoord
wijzend
Voltooid deelwoord
gewezen

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary