HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← wettigen — definición

Conjugation of wettigen

Regular CEFR B2
/wɛtəgə/

rechtvaardigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik wettig
jij / je wettigt
hij / zij / het wettigt
wij / we wettigen
jullie wettigen
zij / ze wettigen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik wettigde
jij / je wettigde
hij / zij / het wettigde
wij / we wettigden
jullie wettigden
zij / ze wettigden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik wettige
jij / je wettige
hij / zij / het wettige
wij / we wettigen
jullie wettigen
zij / ze wettigen
Aanvoegende wijs — verleden
ik wettigde
jij / je wettigde
hij / zij / het wettigde
wij / we wettigden
jullie wettigden
zij / ze wettigden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij wettig
jullie (archaïsch) wettigt

Onbepaalde vormen

Infinitief
wettigen
Tegenwoordig deelwoord
wettigend
Voltooid deelwoord
gewettigd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary