HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← wensen — definición

Conjugation of wensen

Regular CEFR B1
/ˈʋɛn.sən/

op iets hopen voor iemand, toewensen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik wens
jij / je wenst
hij / zij / het wenst
wij / we wensen
jullie wensen
zij / ze wensen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik wenste
jij / je wenste
hij / zij / het wenste
wij / we wensten
jullie wensten
zij / ze wensten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik wense
jij / je wense
hij / zij / het wense
wij / we wensen
jullie wensen
zij / ze wensen
Aanvoegende wijs — verleden
ik wenste
jij / je wenste
hij / zij / het wenste
wij / we wensten
jullie wensten
zij / ze wensten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij wens
jullie (archaïsch) wenst

Onbepaalde vormen

Infinitief
wensen
Tegenwoordig deelwoord
wensend
Voltooid deelwoord
gewenst

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary