HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← wedden — definition

Conjugation of wedden

Regular CEFR B1
ˈwɛdə(n)

geld inzetten op een toekomstige gebeurtenis Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik wed
jij / je wedt
hij / zij / het wedt
wij / we wedden
jullie wedden
zij / ze wedden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik wedde
jij / je wedde
hij / zij / het wedde
wij / we wedden
jullie wedden
zij / ze wedden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik wedde
jij / je wedde
hij / zij / het wedde
wij / we wedden
jullie wedden
zij / ze wedden
Aanvoegende wijs — verleden
ik wedde
jij / je wedde
hij / zij / het wedde
wij / we wedden
jullie wedden
zij / ze wedden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij wed
jullie (archaïsch) wedt

Onbepaalde vormen

Infinitief
wedden
Tegenwoordig deelwoord
weddend
Voltooid deelwoord
gewed

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary