HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← volstrekken — definition

Conjugation of volstrekken

Regular CEFR C1
ˌvɔlˈstrɛ.kə(n)

geheel ten uitvoer brengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik volstrek
jij / je volstrekt
hij / zij / het volstrekt
wij / we volstrekken
jullie volstrekken
zij / ze volstrekken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik volstrekte
jij / je volstrekte
hij / zij / het volstrekte
wij / we volstrekten
jullie volstrekten
zij / ze volstrekten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik volstrekke
jij / je volstrekke
hij / zij / het volstrekke
wij / we volstrekken
jullie volstrekken
zij / ze volstrekken
Aanvoegende wijs — verleden
ik volstrekte
jij / je volstrekte
hij / zij / het volstrekte
wij / we volstrekten
jullie volstrekten
zij / ze volstrekten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij volstrek
jullie (archaïsch) volstrekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
volstrekken
Tegenwoordig deelwoord
volstrekkend
Voltooid deelwoord
volstrekt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary