HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← voeren — definition

Conjugation of voeren

Regular CEFR B1
ˈvu.rə(n)

iemand (m.n. een jong kind) eten in de mond stoppen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik voer
jij / je voert
hij / zij / het voert
wij / we voeren
jullie voeren
zij / ze voeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik voerde
jij / je voerde
hij / zij / het voerde
wij / we voerden
jullie voerden
zij / ze voerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik voere
jij / je voere
hij / zij / het voere
wij / we voeren
jullie voeren
zij / ze voeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik voerde
jij / je voerde
hij / zij / het voerde
wij / we voerden
jullie voerden
zij / ze voerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij voer
jullie (archaïsch) voert

Onbepaalde vormen

Infinitief
voeren
Tegenwoordig deelwoord
voerend
Voltooid deelwoord
gevoerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary