HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← viseren — definition

Conjugation of viseren

Regular CEFR B1
vi.ˈse.rə(n)

: (m.b.t. een akte, pas, enz.) voor gezien tekenen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik viseer
jij / je viseert
hij / zij / het viseert
wij / we viseren
jullie viseren
zij / ze viseren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik viseerde
jij / je viseerde
hij / zij / het viseerde
wij / we viseerden
jullie viseerden
zij / ze viseerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik visere
jij / je visere
hij / zij / het visere
wij / we viseren
jullie viseren
zij / ze viseren
Aanvoegende wijs — verleden
ik viseerde
jij / je viseerde
hij / zij / het viseerde
wij / we viseerden
jullie viseerden
zij / ze viseerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij viseer
jullie (archaïsch) viseert

Onbepaalde vormen

Infinitief
viseren
Tegenwoordig deelwoord
viserend
Voltooid deelwoord
geviseerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary