HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verwegen — definition

Conjugation of verwegen

Regular CEFR B2
vərˈʋeːɣə(n)

van een nieuwe buitenwand voorzien Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verweeg
jij / je verweegt
hij / zij / het verweegt
wij / we verwegen
jullie verwegen
zij / ze verwegen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verwoog
jij / je verwoog
hij / zij / het verwoog
wij / we verwogen
jullie verwogen
zij / ze verwogen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verwege
jij / je verwege
hij / zij / het verwege
wij / we verwegen
jullie verwegen
zij / ze verwegen
Aanvoegende wijs — verleden
ik verwoge
jij / je verwoge
hij / zij / het verwoge
wij / we verwogen
jullie verwogen
zij / ze verwogen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verweeg
jullie (archaïsch) verweegt

Onbepaalde vormen

Infinitief
verwegen
Tegenwoordig deelwoord
verwegend
Voltooid deelwoord
verwogen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary