HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← versoepelen — definición

Conjugation of versoepelen

Regular CEFR C1
/vərˈsu.pə.lə(n)/

het soepeler worden of maken, het losser toepassen, minder star Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik versoepel
jij / je versoepelt
hij / zij / het versoepelt
wij / we versoepelen
jullie versoepelen
zij / ze versoepelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik versoepelde
jij / je versoepelde
hij / zij / het versoepelde
wij / we versoepelden
jullie versoepelden
zij / ze versoepelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik versoepele
jij / je versoepele
hij / zij / het versoepele
wij / we versoepelen
jullie versoepelen
zij / ze versoepelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik versoepelde
jij / je versoepelde
hij / zij / het versoepelde
wij / we versoepelden
jullie versoepelden
zij / ze versoepelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij versoepel
jullie (archaïsch) versoepelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
versoepelen
Tegenwoordig deelwoord
versoepelend
Voltooid deelwoord
versoepeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary