HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verplegen — definition

Conjugation of verplegen

Regular CEFR C2
vərˈpleɣə(n)

een zieke verzorgen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verpleeg
jij / je verpleegt
hij / zij / het verpleegt
wij / we verplegen
jullie verplegen
zij / ze verplegen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verpleegde
jij / je verpleegde
hij / zij / het verpleegde
wij / we verpleegden
jullie verpleegden
zij / ze verpleegden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verplege
jij / je verplege
hij / zij / het verplege
wij / we verplegen
jullie verplegen
zij / ze verplegen
Aanvoegende wijs — verleden
ik verpleegde
jij / je verpleegde
hij / zij / het verpleegde
wij / we verpleegden
jullie verpleegden
zij / ze verpleegden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verpleeg
jullie (archaïsch) verpleegt

Onbepaalde vormen

Infinitief
verplegen
Tegenwoordig deelwoord
verplegend
Voltooid deelwoord
verpleegd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary