HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verpachten — definición

Conjugation of verpachten

Regular CEFR B2
/vər.ˈpɑχ.tə(n)/

huur ontvangen voor het vergeven van het recht om een stuk land te gebruiken dat aan jouzelf toebehoort Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verpacht
jij / je verpacht
hij / zij / het verpacht
wij / we verpachten
jullie verpachten
zij / ze verpachten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verpachtte
jij / je verpachtte
hij / zij / het verpachtte
wij / we verpachtten
jullie verpachtten
zij / ze verpachtten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verpachte
jij / je verpachte
hij / zij / het verpachte
wij / we verpachten
jullie verpachten
zij / ze verpachten
Aanvoegende wijs — verleden
ik verpachtte
jij / je verpachtte
hij / zij / het verpachtte
wij / we verpachtten
jullie verpachtten
zij / ze verpachtten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verpacht
jullie (archaïsch) verpacht

Onbepaalde vormen

Infinitief
verpachten
Tegenwoordig deelwoord
verpachtend
Voltooid deelwoord
verpacht

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary