HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verloven — definition

Conjugation of verloven

Regular CEFR C2
vərˈloː.və(n)

zich ~: iemand een (informele) belofte om te trouwen geven Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verloof
jij / je verlooft
hij / zij / het verlooft
wij / we verloven
jullie verloven
zij / ze verloven
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verloofde
jij / je verloofde
hij / zij / het verloofde
wij / we verloofden
jullie verloofden
zij / ze verloofden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verlove
jij / je verlove
hij / zij / het verlove
wij / we verloven
jullie verloven
zij / ze verloven
Aanvoegende wijs — verleden
ik verloofde
jij / je verloofde
hij / zij / het verloofde
wij / we verloofden
jullie verloofden
zij / ze verloofden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verloof
jullie (archaïsch) verlooft

Onbepaalde vormen

Infinitief
verloven
Tegenwoordig deelwoord
verlovend
Voltooid deelwoord
verloofd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary