HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verhogen — definition

Conjugation of verhogen

Regular CEFR B2
vərˈhoɣə(n)

hoger doen worden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verhoog
jij / je verhoogt
hij / zij / het verhoogt
wij / we verhogen
jullie verhogen
zij / ze verhogen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verhoogde
jij / je verhoogde
hij / zij / het verhoogde
wij / we verhoogden
jullie verhoogden
zij / ze verhoogden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verhoge
jij / je verhoge
hij / zij / het verhoge
wij / we verhogen
jullie verhogen
zij / ze verhogen
Aanvoegende wijs — verleden
ik verhoogde
jij / je verhoogde
hij / zij / het verhoogde
wij / we verhoogden
jullie verhoogden
zij / ze verhoogden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verhoog
jullie (archaïsch) verhoogt

Onbepaalde vormen

Infinitief
verhogen
Tegenwoordig deelwoord
verhogend
Voltooid deelwoord
verhoogd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary