HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← vergroten — definition

Conjugation of vergroten

Regular CEFR C1
vərˈɣrotə(n)

groter doen worden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik vergroot
jij / je vergroot
hij / zij / het vergroot
wij / we vergroten
jullie vergroten
zij / ze vergroten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik vergrootte
jij / je vergrootte
hij / zij / het vergrootte
wij / we vergrootten
jullie vergrootten
zij / ze vergrootten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik vergrote
jij / je vergrote
hij / zij / het vergrote
wij / we vergroten
jullie vergroten
zij / ze vergroten
Aanvoegende wijs — verleden
ik vergrootte
jij / je vergrootte
hij / zij / het vergrootte
wij / we vergrootten
jullie vergrootten
zij / ze vergrootten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij vergroot
jullie (archaïsch) vergroot

Onbepaalde vormen

Infinitief
vergroten
Tegenwoordig deelwoord
vergrotend
Voltooid deelwoord
vergroot

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary