HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← vereenigen — definition

Conjugation of vereenigen

Regular CEFR B2

obsolete spelling of verenigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik vereenig
jij / je vereenigt
hij / zij / het vereenigt
wij / we vereenigen
jullie vereenigen
zij / ze vereenigen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik vereenigde
jij / je vereenigde
hij / zij / het vereenigde
wij / we vereenigden
jullie vereenigden
zij / ze vereenigden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik vereenige
jij / je vereenige
hij / zij / het vereenige
wij / we vereenigen
jullie vereenigen
zij / ze vereenigen
Aanvoegende wijs — verleden
ik vereenigde
jij / je vereenigde
hij / zij / het vereenigde
wij / we vereenigden
jullie vereenigden
zij / ze vereenigden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij vereenig
jullie (archaïsch) vereenigt

Onbepaalde vormen

Infinitief
vereenigen
Tegenwoordig deelwoord
vereenigend
Voltooid deelwoord
vereenigd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary