HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verbouwen — definition

Conjugation of verbouwen

Regular CEFR C2
vərˈbɑuwə(n)

anders bouwen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verbouw
jij / je verbouwt
hij / zij / het verbouwt
wij / we verbouwen
jullie verbouwen
zij / ze verbouwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verbouwde
jij / je verbouwde
hij / zij / het verbouwde
wij / we verbouwden
jullie verbouwden
zij / ze verbouwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verbouwe
jij / je verbouwe
hij / zij / het verbouwe
wij / we verbouwen
jullie verbouwen
zij / ze verbouwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik verbouwde
jij / je verbouwde
hij / zij / het verbouwde
wij / we verbouwden
jullie verbouwden
zij / ze verbouwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verbouw
jullie (archaïsch) verbouwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
verbouwen
Tegenwoordig deelwoord
verbouwend
Voltooid deelwoord
verbouwd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary