HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verblijven — definición

Conjugation of verblijven

Regular CEFR B2
/vərˈblɛi̯.və(n)/

tijdelijk wonen, ergens tijd doorbrengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verblijf
jij / je verblijft
hij / zij / het verblijft
wij / we verblijven
jullie verblijven
zij / ze verblijven
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verbleef
jij / je verbleef
hij / zij / het verbleef
wij / we verbleven
jullie verbleven
zij / ze verbleven

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verblijve
jij / je verblijve
hij / zij / het verblijve
wij / we verblijven
jullie verblijven
zij / ze verblijven
Aanvoegende wijs — verleden
ik verbleve
jij / je verbleve
hij / zij / het verbleve
wij / we verbleven
jullie verbleven
zij / ze verbleven

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verblijf
jullie (archaïsch) verblijft

Onbepaalde vormen

Infinitief
verblijven
Tegenwoordig deelwoord
verblijvend
Voltooid deelwoord
verbleven

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary