HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verbeuren — definition

Conjugation of verbeuren

Regular CEFR B2
vərˈbøːrə(n)

het recht op iets verliezen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verbeur
jij / je verbeurt
hij / zij / het verbeurt
wij / we verbeuren
jullie verbeuren
zij / ze verbeuren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verbeurde
jij / je verbeurde
hij / zij / het verbeurde
wij / we verbeurden
jullie verbeurden
zij / ze verbeurden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verbeure
jij / je verbeure
hij / zij / het verbeure
wij / we verbeuren
jullie verbeuren
zij / ze verbeuren
Aanvoegende wijs — verleden
ik verbeurde
jij / je verbeurde
hij / zij / het verbeurde
wij / we verbeurden
jullie verbeurden
zij / ze verbeurden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verbeur
jullie (archaïsch) verbeurt

Onbepaalde vormen

Infinitief
verbeuren
Tegenwoordig deelwoord
verbeurend
Voltooid deelwoord
verbeurd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary