HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← vatten — definition

Conjugation of vatten

Regular CEFR C1
ˈvɑtə(n)

iets opdoen, iets krijgen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik vat
jij / je vat
hij / zij / het vat
wij / we vatten
jullie vatten
zij / ze vatten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik vatte
jij / je vatte
hij / zij / het vatte
wij / we vatten
jullie vatten
zij / ze vatten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik vatte
jij / je vatte
hij / zij / het vatte
wij / we vatten
jullie vatten
zij / ze vatten
Aanvoegende wijs — verleden
ik vatte
jij / je vatte
hij / zij / het vatte
wij / we vatten
jullie vatten
zij / ze vatten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij vat
jullie (archaïsch) vat

Onbepaalde vormen

Infinitief
vatten
Tegenwoordig deelwoord
vattend
Voltooid deelwoord
gevat

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary