HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← tutoyeren — definición

Conjugation of tutoyeren

Regular CEFR C2
/ˌty.tʋaːˈjeːrə(n)/

elkaar met jij en jou aanspreken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik tutoyeer
jij / je tutoyeert
hij / zij / het tutoyeert
wij / we tutoyeren
jullie tutoyeren
zij / ze tutoyeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik tutoyeerde
jij / je tutoyeerde
hij / zij / het tutoyeerde
wij / we tutoyeerden
jullie tutoyeerden
zij / ze tutoyeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik tutoyere
jij / je tutoyere
hij / zij / het tutoyere
wij / we tutoyeren
jullie tutoyeren
zij / ze tutoyeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik tutoyeerde
jij / je tutoyeerde
hij / zij / het tutoyeerde
wij / we tutoyeerden
jullie tutoyeerden
zij / ze tutoyeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij tutoyeer
jullie (archaïsch) tutoyeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
tutoyeren
Tegenwoordig deelwoord
tutoyerend
Voltooid deelwoord
getutoyeerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary