HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← turen — definición

Conjugation of turen

Regular CEFR C2
/ˈtyrə(n)/

aandachtig, onderzoekend naar iets kijken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik tuur
jij / je tuurt
hij / zij / het tuurt
wij / we turen
jullie turen
zij / ze turen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik tuurde
jij / je tuurde
hij / zij / het tuurde
wij / we tuurden
jullie tuurden
zij / ze tuurden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ture
jij / je ture
hij / zij / het ture
wij / we turen
jullie turen
zij / ze turen
Aanvoegende wijs — verleden
ik tuurde
jij / je tuurde
hij / zij / het tuurde
wij / we tuurden
jullie tuurden
zij / ze tuurden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij tuur
jullie (archaïsch) tuurt

Onbepaalde vormen

Infinitief
turen
Tegenwoordig deelwoord
turend
Voltooid deelwoord
getuurd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary