HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← tornen — definition

Conjugation of tornen

Regular CEFR B1
ˈtɔrnə(n)

herhaald tussen de steken doorknippen van een draad waarmee iets vastgenaaid zit Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik torn
jij / je tornt
hij / zij / het tornt
wij / we tornen
jullie tornen
zij / ze tornen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik tornde
jij / je tornde
hij / zij / het tornde
wij / we tornden
jullie tornden
zij / ze tornden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik torne
jij / je torne
hij / zij / het torne
wij / we tornen
jullie tornen
zij / ze tornen
Aanvoegende wijs — verleden
ik tornde
jij / je tornde
hij / zij / het tornde
wij / we tornden
jullie tornden
zij / ze tornden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij torn
jullie (archaïsch) tornt

Onbepaalde vormen

Infinitief
tornen
Tegenwoordig deelwoord
tornend
Voltooid deelwoord
getornd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary