HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← toetsen — definición

Conjugation of toetsen

Regular CEFR C2
/ˈtut.sən/

bepalen van vaardigheden van iemand door middel van een test of onderzoek Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik toets
jij / je toetst
hij / zij / het toetst
wij / we toetsen
jullie toetsen
zij / ze toetsen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik toetste
jij / je toetste
hij / zij / het toetste
wij / we toetsten
jullie toetsten
zij / ze toetsten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik toetse
jij / je toetse
hij / zij / het toetse
wij / we toetsen
jullie toetsen
zij / ze toetsen
Aanvoegende wijs — verleden
ik toetste
jij / je toetste
hij / zij / het toetste
wij / we toetsten
jullie toetsten
zij / ze toetsten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij toets
jullie (archaïsch) toetst

Onbepaalde vormen

Infinitief
toetsen
Tegenwoordig deelwoord
toetsend
Voltooid deelwoord
getoetst

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary