HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← tintelen — definición

Conjugation of tintelen

Regular CEFR C2

prikkelen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik tintel
jij / je tintelt
hij / zij / het tintelt
wij / we tintelen
jullie tintelen
zij / ze tintelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik tintelde
jij / je tintelde
hij / zij / het tintelde
wij / we tintelden
jullie tintelden
zij / ze tintelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik tintele
jij / je tintele
hij / zij / het tintele
wij / we tintelen
jullie tintelen
zij / ze tintelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik tintelde
jij / je tintelde
hij / zij / het tintelde
wij / we tintelden
jullie tintelden
zij / ze tintelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij tintel
jullie (archaïsch) tintelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
tintelen
Tegenwoordig deelwoord
tintelend
Voltooid deelwoord
getinteld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary