HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← tijgen — definition

Conjugation of tijgen

Regular CEFR B1
ˈtɛi̯ɣə(n)

ergens naartoe gaan Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik tijg
jij / je tijgt
hij / zij / het tijgt
wij / we tijgen
jullie tijgen
zij / ze tijgen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik teeg
jij / je teeg
hij / zij / het teeg
wij / we tegen
jullie tegen
zij / ze tegen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik tijge
jij / je tijge
hij / zij / het tijge
wij / we tijgen
jullie tijgen
zij / ze tijgen
Aanvoegende wijs — verleden
ik tege
jij / je tege
hij / zij / het tege
wij / we tegen
jullie tegen
zij / ze tegen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij tijg
jullie (archaïsch) tijgt

Onbepaalde vormen

Infinitief
tijgen
Tegenwoordig deelwoord
tijgend
Voltooid deelwoord
getegen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary