HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← stotteren — definition

Conjugation of stotteren

Regular CEFR C2

dezelfde lettergreep een aantal malen herhalend moeilijk uit zijn woorden komen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik stotter
jij / je stottert
hij / zij / het stottert
wij / we stotteren
jullie stotteren
zij / ze stotteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik stotterde
jij / je stotterde
hij / zij / het stotterde
wij / we stotterden
jullie stotterden
zij / ze stotterden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik stottere
jij / je stottere
hij / zij / het stottere
wij / we stotteren
jullie stotteren
zij / ze stotteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik stotterde
jij / je stotterde
hij / zij / het stotterde
wij / we stotterden
jullie stotterden
zij / ze stotterden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij stotter
jullie (archaïsch) stottert

Onbepaalde vormen

Infinitief
stotteren
Tegenwoordig deelwoord
stotterend
Voltooid deelwoord
gestotterd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary