HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← stompen — definition

Conjugation of stompen

Regular CEFR C2
ˈstɔm.pə(n)

met de vuist, de elleboog stoten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik stomp
jij / je stompt
hij / zij / het stompt
wij / we stompen
jullie stompen
zij / ze stompen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik stompte
jij / je stompte
hij / zij / het stompte
wij / we stompten
jullie stompten
zij / ze stompten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik stompe
jij / je stompe
hij / zij / het stompe
wij / we stompen
jullie stompen
zij / ze stompen
Aanvoegende wijs — verleden
ik stompte
jij / je stompte
hij / zij / het stompte
wij / we stompten
jullie stompten
zij / ze stompten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij stomp
jullie (archaïsch) stompt

Onbepaalde vormen

Infinitief
stompen
Tegenwoordig deelwoord
stompend
Voltooid deelwoord
gestompt

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary