HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← stalen — definition

Conjugation of stalen

Regular CEFR B2
ˈstaː.lə(n)

meervoud verleden tijd van stelen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik staal
jij / je staalt
hij / zij / het staalt
wij / we stalen
jullie stalen
zij / ze stalen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik staalde
jij / je staalde
hij / zij / het staalde
wij / we staalden
jullie staalden
zij / ze staalden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik stale
jij / je stale
hij / zij / het stale
wij / we stalen
jullie stalen
zij / ze stalen
Aanvoegende wijs — verleden
ik staalde
jij / je staalde
hij / zij / het staalde
wij / we staalden
jullie staalden
zij / ze staalden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij staal
jullie (archaïsch) staalt

Onbepaalde vormen

Infinitief
stalen
Tegenwoordig deelwoord
stalend
Voltooid deelwoord
gestaald

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary