HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← staken — definition

Conjugation of staken

Regular CEFR B2
ˈstaː.kə(n)

een werkonderbreking of (ludieke) actie houden voor betere arbeidsvoorwaarden of meer loon Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik staak
jij / je staakt
hij / zij / het staakt
wij / we staken
jullie staken
zij / ze staken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik staakte
jij / je staakte
hij / zij / het staakte
wij / we staakten
jullie staakten
zij / ze staakten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik stake
jij / je stake
hij / zij / het stake
wij / we staken
jullie staken
zij / ze staken
Aanvoegende wijs — verleden
ik staakte
jij / je staakte
hij / zij / het staakte
wij / we staakten
jullie staakten
zij / ze staakten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij staak
jullie (archaïsch) staakt

Onbepaalde vormen

Infinitief
staken
Tegenwoordig deelwoord
stakend
Voltooid deelwoord
gestaakt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary