HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← sprokkelen — definición

Conjugation of sprokkelen

Regular CEFR C2

kleine beetjes of waren vergaren bij anderen zonder tegenprestatie of betaling Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik sprokkel
jij / je sprokkelt
hij / zij / het sprokkelt
wij / we sprokkelen
jullie sprokkelen
zij / ze sprokkelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik sprokkelde
jij / je sprokkelde
hij / zij / het sprokkelde
wij / we sprokkelden
jullie sprokkelden
zij / ze sprokkelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik sprokkele
jij / je sprokkele
hij / zij / het sprokkele
wij / we sprokkelen
jullie sprokkelen
zij / ze sprokkelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik sprokkelde
jij / je sprokkelde
hij / zij / het sprokkelde
wij / we sprokkelden
jullie sprokkelden
zij / ze sprokkelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij sprokkel
jullie (archaïsch) sprokkelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
sprokkelen
Tegenwoordig deelwoord
sprokkelend
Voltooid deelwoord
gesprokkeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary