HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← spoliëren — definition

Conjugation of spoliëren

Regular CEFR B2
ˌspoː.liˈeː.rə(n)

plunderen, een rechtmatig deel onthouden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik spolieer
jij / je spolieert
hij / zij / het spolieert
wij / we spoliëren
jullie spoliëren
zij / ze spoliëren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik spolieerde
jij / je spolieerde
hij / zij / het spolieerde
wij / we spolieerden
jullie spolieerden
zij / ze spolieerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik spoliëre
jij / je spoliëre
hij / zij / het spoliëre
wij / we spoliëren
jullie spoliëren
zij / ze spoliëren
Aanvoegende wijs — verleden
ik spolieerde
jij / je spolieerde
hij / zij / het spolieerde
wij / we spolieerden
jullie spolieerden
zij / ze spolieerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij spolieer
jullie (archaïsch) spolieert

Onbepaalde vormen

Infinitief
spoliëren
Tegenwoordig deelwoord
spoliërend
Voltooid deelwoord
gespolieerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary