HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← spijbelen — definición

Conjugation of spijbelen

Regular CEFR C2
/ˈspɛi̯.bə.lə(n)/

ongeoorloofd uit school wegblijven Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik spijbel
jij / je spijbelt
hij / zij / het spijbelt
wij / we spijbelen
jullie spijbelen
zij / ze spijbelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik spijbelde
jij / je spijbelde
hij / zij / het spijbelde
wij / we spijbelden
jullie spijbelden
zij / ze spijbelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik spijbele
jij / je spijbele
hij / zij / het spijbele
wij / we spijbelen
jullie spijbelen
zij / ze spijbelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik spijbelde
jij / je spijbelde
hij / zij / het spijbelde
wij / we spijbelden
jullie spijbelden
zij / ze spijbelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij spijbel
jullie (archaïsch) spijbelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
spijbelen
Tegenwoordig deelwoord
spijbelend
Voltooid deelwoord
gespijbeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary