HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← snorren — definition

Conjugation of snorren

Regular CEFR C2

zich op een snorfiets voortbewegen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik snor
jij / je snort
hij / zij / het snort
wij / we snorren
jullie snorren
zij / ze snorren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik snorde
jij / je snorde
hij / zij / het snorde
wij / we snorden
jullie snorden
zij / ze snorden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik snorre
jij / je snorre
hij / zij / het snorre
wij / we snorren
jullie snorren
zij / ze snorren
Aanvoegende wijs — verleden
ik snorde
jij / je snorde
hij / zij / het snorde
wij / we snorden
jullie snorden
zij / ze snorden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij snor
jullie (archaïsch) snort

Onbepaalde vormen

Infinitief
snorren
Tegenwoordig deelwoord
snorrend
Voltooid deelwoord
gesnord

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary