HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← slieren — definición

Conjugation of slieren

Regular CEFR B1

doelloos ergens ronddolen, kronkelen of rondlopen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik slier
jij / je sliert
hij / zij / het sliert
wij / we slieren
jullie slieren
zij / ze slieren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik slierde
jij / je slierde
hij / zij / het slierde
wij / we slierden
jullie slierden
zij / ze slierden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik sliere
jij / je sliere
hij / zij / het sliere
wij / we slieren
jullie slieren
zij / ze slieren
Aanvoegende wijs — verleden
ik slierde
jij / je slierde
hij / zij / het slierde
wij / we slierden
jullie slierden
zij / ze slierden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij slier
jullie (archaïsch) sliert

Onbepaalde vormen

Infinitief
slieren
Tegenwoordig deelwoord
slierend
Voltooid deelwoord
geslierd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary